We kennen allemaal de verhalen van de Romeinse eetgelagen. Gefrituurde pauwentongetjes en gevulde giraffennekken. Romeinse keizers mochten zo hun uitspattingen hebben, het maal van de gewone Romein was heel wat eenvoudiger.
Ze leefden van het land, en volgden de seizoenen.
De vulkanische grond rond de Vesuvius  was zeer vruchtbaar. Er werd wijn verbouwd, en olijven.
Er was veel klein wild in de bossen. Ook was er vis in overvloed, Pompeii lag voor de vulkaan uitbarsting aan zee en de rivier de Sarno. Ze waren beroemd om hun
Garum, een scherpe zoute vissaus.
Sommige etenswaren waren nog niet bekend, zoals tomaten, aardappels en rijst. Rietsuiker was er wel maar om iets te zoeten werd voornamelijk honing gebruikt. De nu zo typisch Italiaanse pasta was nog lang niet uitgevonden.
Links fragment muurschildering Pompeii,  midden en rechts reconstructies keukens.
De Romeinen kenden, net als wij, drie maaltijden op een dag. Het ontbijt, jentaculum, was heel eenvoudig. Meestal wat brood, kaas en olijven en wijn aangelengd met water. Melk was voor kleine kinderen en zieken.
Er bestaat een recept voor
Epityra, wat een soort olijvenpasta is. 's Middags om omstreeks twaalf uur volgde het prandium. Ook dit was meestal een licht maal, vaak werd er snel wat bij een thermopolium gegeten.




Men at in het triclinium, en zomers buiten in het zomertriclinium. Een triclinium had drie aanligbedden, vast (gemetseld) of losstaand (van hout). De bedden, of banken, hadden natuurlijk matrassen en kussens. Ze liepen naar de tafel toe wat hoger op. Per bed konden  3 mensen aanliggen. In het midden stond de tafel, met vaak een soort stoof om gerechten warm te houden. Het triclinium was open aan 1 kant, zodat er makkelijk bediend kon worden. De belangrijkste plaats was tegenover de open kant, lectus medius, waar in het midden de gastheer lag,  en rechts van hem de belangrijkste gast. De minste plaats was uiterst links in het bed aan de linkerkant. Je lag met je hoofd naar de tafel toe, steunde met je linkerhand je hoofd, en at met rechts.
Er werd meestal met de hand gegeten, (vlees en andere grote stukken werden van te voren kleingesneden) en de Romeinen vonden dan ook het servet, linteum, uit. Veel gasten brachten hun eigen servet mee, en namen daarin alles wat lekker was maar wat ze niet opkonden mee terug naar huis. Het was overigens ongemanierd om dat al te gretig te doen. En het was zeker niet de bedoeling alles wat onder de tafel voor de honden werd gegooid stiekem mee te smokkelen. 
Sommige gastheren serveerden speciale hapjes om mee te nemen in het linteum.
Bij zeer bijzondere gelegenheden kon er ook vertier bij de maaltijd zijn, zoals muzikanten en danseressen,  of een theaterstukje.
Een cena, of wanneer met gasten een convivium (wat letterlijk betekent 'samenleven'),  bestond  uit drie gangen. Voorgerecht (gustus), de hoofdmaaltijd (cena), en een nagerecht (secunda mensa). Er zijn veel recepten overgeleverd. Garum, gemaakt van rottende vis, of liquamen, een verdunde versie, was bijzonder populair en werd in plaats van zout in bijna alle recepten gebruikt, behalve de  zoete nagerechten.
Er werd gekookt in pannen van brons,  zilver of aardewerk. Zeer populair was terra sigillata aardewerk. Het was glanzend roodbruin en kwam voor in alle mogelijke vormen en groottes.
Het werd in massaproductie  in ItaliŽ en GalliŽ gemaakt en in het hele rijk gebruikt. Een krat van dit aardewerk is in Pompeii gevonden. Het was juist uit GalliŽ aangekomen en nog niet uitgepakt.
Glas werd algemeen gebruikt en in het huis van Menander is een compleet 118-delig servies van zilver gevonden.
Mozaiek van een 'ongeveegde vloer'. 'Rome.
Verkoop van brood, muurschildering uit Pompeii. Er waren meer dan 10 soorten brood.
Aspergeschotel met kwartels naar authentiek Romeins recept.
Keuken uit Pompeii  met pannen nog op het vuur, huis van Vettii
Een bijzonder mooi bewaard gebleven thermopolium. De winkel waren open naar de straat.
Amforaīs gevonden in het huis van de citerspeler
Er waren in Pompeii veel grote bakkerijen. Waarschijnlijk leverden ze ook brood aan nabijgelegen dorpjes en steden.
Het meel wat gemalen werd voor de bakkerijen werd opgevangen in grote loden bakken. Ook de veelgedronken  wijn
mulsum werd in loden potten gemaakt. Veel mensen zullen  in die tijd zonder het te weten aan een loodvergiftiging zijn gestorven.
Laatst las ik een aardige theorie over de sterke smaken die Romeinen gewend waren. Een van de eerste symptomen van loodvergiftiging is namelijk dat je je smaak verliest... Dus het eten moest steeds sterker van smaak zijn om iets te kunnen proeven.
Ps. Er zijn ook brokken speciaal bedoeld als hondenvoer gevonden!!
Wintertriclinium, huis van
de moralist
, met
origineel vaatwerk.
Zilver uit het huis van Menander
(museum Napoli)
Verkoold brood uit
Pompeii
Muurschildering uit
Pompeii met lijsters
en eieren
Terra sigillata uit de tijd van Augustus
Eetgewoontes bij de Romeinen
De gegoede Pompeiiaan had 's middags zijn zaken gedaan en kon de rest van de dag doorbrengen in het koele badhuis, waar overigens ook hapjes te krijgen waren.
Een thermopolium was een soort voorloper van de hedendaagse snackbar, je kon er eenvoudige koude en warme hapjes en dranken  krijgen. Armere mensen, die geen eigen keuken hadden, haalden hun eten ook hier vandaan. Veel rijke huizen beheerden een thermopolium, het zal wel een goede bron van inkomsten geweest zijn. Er zijn er in Pompeii tot nu toe al 200 opgegraven.
Het belangrijkste maal van de dag was cena, het avondeten. Net als nu zat de hele familie aan, of beter gezegd, ze lagen aan, want zitten op een stoel was alleen voor de lageren in rang. Vrouwen mochten in het keizerrijk  met mannen mee eten, en  zelfs mee aanliggen, zonder meteen bestempeld te worden als van lichte zeden, zoals in vroeger dagen.
Vooral als er gasten waren telde de rangschikking aan tafel zwaar.
Bij de Grieken zaten mannen op stoelen en wanneer je een groot bewonderaar van de Griekse cultuur was kon je als heer des huizes ook op een stoel de maaltijd gebruiken.
Een  hoofdgerecht kon bestaan uit kool, pap met worst, of  bonen met spek.
Voor wat specialere gelegenheden had je diverse soorten geroosterd vlees, kip, gevogelte  of vis.
Nagerechten bestonden meestal uit fruit en  zoetigheden.
De keuken, waar al dit heerlijks vandaan moest komen, was klein. Meestal zelfs zonder een raam. En geen schoorsteen!!
Er was een oventje, er werd gekookt op een soort stoof, en er was een aanrechtje. Een slaaf die (zelfs onder deze omstandigheden) goed kon koken was veel geld waard.
Eenvoudige voorgerechtjes konden bv.  zijn sla met artisjokken, gevulde eieren, slakken, of een tonijnsalade. Erbij werd een wijn gezoet met honing gedronken, mulsum (honing maakte elke goedkope wijn lekker.Tip!!!). Romeinen dronken wijn nooit puur, dat werd als barbaars gezien, maar altijd aangelengd met water.
Voor meer over de eetkamer en de avondmaaltijd klik hier: Cena en triclinia


Onderzoek, tekst en webdesign ©Sione van Walderveen



     
   Gastenboek voor vragen en opmerkingen  op index  pagina